Koopavond. Omarmen of loslaten?


20 sep. 2019

Door Sandra Kooiman

In 2018 kwam na jaren weer goed nieuws over de koopavond. Bezoekersaantallen die weer stegen, soms wel met 9%. Behalve in Delft, daar daalde het aantal bezoekers op de koopavond het hardst van Nederland (samen met Den Bosch en Emmen), concludeerde onderzoeksbureau RMC eind augustus vorig jaar. Kortom, wat te doen met de koopavond?

De koopavond verloor flink aan populariteit de afgelopen jaren. RMC gaf aan dat in sommige steden bezoekersaantallen met 50% afnamen in de avonduren. Logisch dus dat, ondanks bovenstaand recent positief geluid, ondernemers zich afvragen of de koopavond nog wel toekomst heeft, zeker met de groeiende populariteit van de koopzondag en online shopping. Ik zette deze week een vraag uit bij collega Centrummanagers, via de Centrum Management Academy, welke ontwikkeling zij ervaren en hoe hun binnenstad of winkelcentrum hiermee omging. Zodoende bleek dat in veel gebieden, waaronder Utrecht en omgeving Venlo, de koopavond nog steeds een lastige kwestie is. Veelal wordt aan de ondernemers overgelaten of en tot hoe laat zij geopend zijn. Maar er zijn ook winkelgebieden met één eigenaar of een VVE waar afspraken middels een Huishoudelijk Reglement worden gemaakt met ondernemers over een éénduidig openingstijdenbeleid, gehandhaafd desnoods middels boetes.

 

Dat laatste klinkt onaardig, maar de intentie is goed. Een gebied is zo sterk als de zwakste schakel. Een éénduidig openingstijdenbeleid verschaft de bezoeker duidelijkheid. Een bezoeker die één keer voor een dichte deur heeft gestaan komt niet snel een tweede koopavond terug. Maar dat vormt ook risico voor de omliggende buren, die wellicht wel geopend waren. Bovendien, als ‘beleving’ – een woord wat inmiddels zorgt voor de nodige allergische reacties – inderdaad zo belangrijk is; dan vormen donkere etalages tijdens koopavond het dieptepunt van beleving. Ook dan komt de bezoeker niet graag terug en ook dat heeft invloed op welwillende ondernemers. De intentie bij handhaven is dus goedbedoeld. Maar, hoe ga je daarmee om in een binnenstad zonder gezamenlijke afspraken, zoals in veel steden en zoals ook in Delft?

 

Houd allereerst rekening met de bezoeker. Wanneer zou de bezoeker het liefst winkelen? Maak het breder dan alleen de koopavond. Een enquête geeft hier duidelijkheid over. Voor horeca ligt dit iets anders, uiteraard. Hieruit kan blijken dat de bezoeker juist wel op vrijdagavond wilt shoppen, misschien omdat het mooi aansluit op de theatervoorstelling zie ze daarna bezoeken, of omdat ze na de vrijdagmiddagborrel nog even op zoek gaan naar een nieuwe outfit. Maar het kan ook zijn dat er weinig behoefte meer bestaat voor winkelen op vrijdagavond. Hoe dan ook, op basis van de uitkomsten van de enquête kan vervolgens een advies voortkomen voor ondernemers. Probeer zoveel mogelijk dit advies te volgen en hierin een eenheid te vormen. Communicatie over de openingstijden is van belang, zowel algemeen als op jullie eigen websites en in de etalages. Ook, voorkom dat je verleid wordt om toch een uurtje eerder te sluiten; de bezoeker wordt alleen maar in verwarring gebracht. En tenslotte, probeer samen met collega ondernemers een speciale koopavond te organiseren. Conversies zijn veel hoger tijdens dergelijke momenten; bezoekers worden immers uitgenodigd, er wordt speciaal voor hen iets georganiseerd en dit alles zorgt er vaak voor dat bezoekers niet zonder tasje de winkel(s) verlaten.

 

En tenslotte, als je niet geopend bent, overweeg om (energiezuinige LED-) etalageverlichting aan te laten tijdens de geadviseerde openingstijden. Donkere etalages zijn funest voor buren die wel geopend zijn. Bovendien, bezoekers die jouw (horeca) buren bezoeken en even stil staan bij jouw verlichte etalage zijn de volgende keer mogelijk ook jouw bezoekers.

Naar overzicht